
Persephone
Deze zeep is geïnspireerd op het bloemenboeket van Persephone. Persephone was de Griekse godin van de lente en koningin van de onderwereld. Zij was de dochter van Zeus en Demeter: de godin van de oogst.
Op een dag speelde zij met haar nimfengezellinnen in een bloemrijke weide, toen Hades haar ontvoerde en meenam naar de onderwereld als zijn bruid. Vlak voor haar ontvoering plukte zij een laatste bloemenboeket: met onder andere rozen, lelies en viooltjes. Haar moeder Demeter was radeloos en doorzocht de hele wereld naar haar dochter, begeleid door de godin Hekate met brandende fakkels. Toen zij ontdekte dat Zeus had meegewerkt aan de ontvoering, weigerde zij om nog maar iets te laten bloeien totdat Persephone zou terugkeren. Zeus stemde in met haar terugkeer, maar omdat Persephone in de onderwereld van granaatappelzaadjes had gegeten, was zij veroordeeld om een deel van elk jaar bij haar man in de onderwereld door te brengen.
Haar jaarlijkse terugkeer naar de aarde in de lente werd gemarkeerd door bloeiende weiden en het opkomend graan. Haar terugkeer naar de onderwereld zorgde voor het winterse seizoen waarin niks bloeide. Zo werd Persephone zowel koningin van de onderwereld als godin van de lente: een symbool van dood én wedergeboorte, duisternis én bloei.